2011: Rijn op, IJssel af

Square

Een wedstrijdschouw op het Pikmeer.

Heerenleed lag noodgedwongen achter de bruggen ver de Maas op. Met gestreken masten dus. Nu is de tijd van stilliggen voorbij. We willen weer gaan zeilen. Maar voor het zover is moet Heerenleed groot onderhoud ondergaan. Dat doen we in Friesland, waar dan meteen de masten weer gezet kunnen worden. We profiteren van de gestreken mastten om via de route Rijn op, IJssel af een mooi stuk Nederland te doorkruisen. Als de masten weer staan kan dat niet meer.

losgeboken 22 juli 2011. Op vandaag hebben we lang gewacht. Zo lang dat we hem uiteindelijk gingen uitstellen,  zo spannend werd het. Vandaag is Heerenleed van haar meerlijnen losgebroken en vertrokken uit Lithoijen,  waar we een tijd gelegen hebben en de winter op de wal hebben gestaan. Eigenlijk hebben we sinds 2007 niet meer echt gevaren. We hadden er een hele zwik geldige redenen voor,  maar het feit staat recht overeind. En als je met een boot niet vaart,  dan gaat het met het onderhoud meestal ook niet goed. Klopt ook helemaal. Ook daarvoor hadden we dezelfde geldige,  sterker nog, dwingende redenen,  maar ook dit feit blijft.

schroefas Het resultaat was een aangroei van zoetwatermosselen aan Heerenleed waar je een weeshuis een maand van kunt voeden,  een vastgeroeste satellietschotel en een keerkoppeling met een lekkende oliekeerring. Dat laatste probleem is een paar weken geleden opgelost,  het eerste probleem al in November 2010 en het middelste probleem is nog niet opgelost. De reden dat het uitvaren zo spannend was ligt vooral in de schroefasinstallatie,  een vondst van de Firma Stevens,  waar we achteraf niet zo gelukkig mee zijn. Het komt erop neer dat de schroefas in een sort vetbad draait,  aan weerszijden afgesloten met een kunststof ‘seal’. Die heeft in het begin tweemaal heel erg gelekt,  doordat het vullen van de schroefaskoker met vet niet eenvoudig is. Later hebben we, na het tot twee keer toe plaatsen van een nieuw seal de boel onder controle gekregen. Maar bij de reparatie van de keerkoppeling is de schroefas van zijn plaats geweest. En jawel, in eerste instantie lekte hij behoorlijk. Met veel beleid langzaam extra vet in de koker pompen heeft hem nu weer in zijn oude toestand teruggebracht: tijdens het varen op de motor lekt hij wat,  juister is het om druppen te zeggen,  bij stilstaande schroef lekt hij niet. Maar goed, dat weten we nu, nu we na een dag varen zijn aangekomen in Gorinchem. Zonder bijzonderheden. En varen zonder bijzonderheden is altijd het beste.

weg De bijzonderheden zijn er misschien wel voor onze trouwe lezers. We vertrokken om een uur of tien, uitgezwaaid door een paar bootbewoners. Het eerste obstakel kwam al na een kwartiertje: de stuw met schutsluis van Lith. Het duurde al met al een uurtje voordat we er in konden,  en toen nog eens een dik half uur voordat we geschut waren en zo’n twee, drie meter lager de Maas af konden varen.

Een laatste blik op Lith, met het pontje en het bakkertje,  en dan door de Maas af. Ook langs het pontje van Maren-Kessel,  dat we zo vaak hebben genomen,  maar waar we heilig ontzag voor hebben omdat de geleidekabels kort zijn, en alleen voldoende onder water liggen als het pontje aan de wal ligt. En dan uiteindelijk bij Heusden de Andelse Maas op. Een vaarwater dat Noud nog niet kende,  ik wel want ik heb hier heel lang geleden een tijdje met mijn oude Friese Schouw gelegen. De Andelse Maas is een mooi stukje Nederland, met aan het einde het schitterende Woudrichem en daartegenover het bekende Slot Loevestein. Het weer is aardig, maar geen strandweer.  De koeien langs de Andelse Maas denken daar anders over. De Wilhelminasluit bij Andel schut vlot,  en we vervolgen onze weg. Een voor anker liggende Zalmschouw zetten we maar even op de plaat. Deze boten zijn echt typerend voor dit deel van ons land.

een laatste blik op Lith.jpg het pontje van Maren-Kessel.jpg stranddag voor de koeien.jpg zalmschouw.jpg Loevestein.jpg

De drukte op de Merwede,  die het voor jachten eigenlijk onaangenaam maakt hier te varen,  valt vandaag erg mee. Om  een uur of vier maken we vast in de haven van WV De Merwede,  waar we een krappe draai moeten maken met een lastige wind-op-kont, maar het loopt vlekkeloos. We zijn blij dat we hier zijn, de eerste vaardag na lange tijd,  en we kunnen het nog!  Tenslotte nog een leuke ontmoeting: het clubhuis van De Merwede wordt uitgebaat door oude bekenden Riny en Ellie die we nog kennen uit een grijs verleden in Drimmelen. Door alle inspanningen is Noud vandaag vroegtijdig uitgevallen dus het echte bijbabbelen met Riny en Ellie moet maar tot morgen wachten. De weersverwachtingen zijn verschrikkelijk,  dus we blijven maar even liggen…

vianen Als na twee dagen de slagregens eindelijk ophouden varen we  van Gorinchem via het Merwedekanaal naar Vianen gevaren. In Vianen hebben we weer even een dagje pauze genomen. Niet dat het tripje naar Vianen nou zo opwindend was,  nee, het Merwedekanaal varen betekent vooral wachten. Eindeloos wachten op brugwachters-op-afstand die het kennelijk erg vermoeiend vinden om op een knop te drukken. Dat was vroeger al zo,  en kennelijk is er niets verbeterd. Wel is het een mooi kanaal. Hoge populieren erlangs,  en hier en daar een mooi vergezicht. De molen van Meerkerk verdient een plaatje.

de molen van Meerkerk.jpg

In Vianen hebben we uitgebreid bezoek van nichtje Mariska. Ze komt gezellig aan boord eten en we praten eens uitgebreid bij.

lek en rijn Maar op 27 juli hebben we weer een vaardag. We gaan de Lek en Rijn varen in de richting van Arnhem. We zijn niet van plan om dat in een keer te doen,  maar we overwegen om bij het Eiland van Maurik een leuke overnachtingsplek te zoeken. De Lek en Rijn staan garant voor mooie plaatjes. Het is een heel typerend Nederlands rivierenlandschap,  en dat blijft prachtig. Het weer is zo-zo, geen stralende zon of Ruysdaelluchten om de foto’s op te leuken,  maar het is in elk geval droog,  en dat is in deze ‘zomer’ al heel wat. We ‘nemen’ de sluis bij Vianen en komen dan uit op de Lek,  tegenover het oude sluisje van Vreeswijk,  dat ik altijd een mooi hoekje heb gevonden. Nu moet het maar even op de plaat. Al snel komt de stuw bij Hagestein,  met de sluis,  die toch al snel een verval heeft van een meter of 2,50,  misschien wel meer. Dan verder langs Culemborg,  de kruising met het Amsterdam-Rijnkanaal en langs Wijk bij Duurstede,  dat ook weer een paar mooie foto’s oplevert.

oude sluis van Vreeswijk.jpg zomaar ergens langs de lek.jpg Wijk bij Duurstede.jpg Wijk bij Duurstede2.jpg

Als we in de sluis bij de stuw van Amerongen liggen merken we dat we de ‘afslag’ naar het Eiland van Maurik gemist hebben. We hebben geen kaart van de rivieren omdat we hier normaal gesproken niet komen  en hier ook straks nooit meer zullen komen met deze boot,  als de masten er weer op staan. Nou ja,  dan maar een stukje verder. We tuffen langs Rhenen,  waar de oevers hoger worden, en waar we zien dat je er leuk kunt wonen. Tenslotte draaien we de haven van Wageningen in. Een aardig kommetje waar we een handige plek aan een kopsteigeer krijgen. We drinken wat,  en de Rijn en Heerenleed gaan nog even op de plaat. Het is toch nog leuk weer geworden,  een beetje drukkend zelfs en dan zien we alweer donderkoppen. Na regen komt zonneschijn,  dat wel, maar,  zoals mijn vader altijd zei, “en daarna weer regen”. Nou ja. Het zal wel. Morgen verder naar Arnhem.

Landhuis bij Rhenen.jpg  Heerenleed in Wageningen.jpg en daarna weer regen.jpg

arnhem 28 juli gaan we door voor het laatste stukje van Wageningen voor het laatste stukje naar Arnhem. De Rijn wordt steeds mooier,  de oevers aan de Noordzijde worden hoger en hoger,  de zuidelijke begrenzing van de Veluwe. Dat de rivier kostbare grondstof kan leveren kun je nog zien aan de vele oude steenfabrieken,  die nu mooie plaatjes uit een ver verleden opleveren. Bij Driel komen we bij de volgende stuw,  die voorlopig ons laatste obstakel is. Het is er redelijk druk met pleziervaart. Ook hier is het verval behoorlijk,  bijna 3 meter. Na de sluis komen we onder de rook van Arnhem,  waar we voorzichtig het haventje indraaien waar Toos, een hartsvriendin van Noud’s zus Alice,  haar woonarkje heeft liggen. Het is er niet diep,  maar het moet kunnen,  we zijn al eerder een keertje naar haar toe geweest om te verkennen en om te peilen. En het lukt! We liggen hier op een idyllisch plekje,  een beschermend dijkje tussen ons en de Rijn met zijn scheepvaart. Toch is hier achter het dijkje af en toe flinke zuiging als er weer zo’n grote jongen voorbij komt. Als we uiteindelijk goed vast liggen valt het weer met bakken uit de hemel. Voor volgende week is er mooi zomerweer voorspeld. We zullen zien,  maar als het komt moeten we dagelijks de waterstand in de gaten houden. We hebben 30 tot 40 cm onder de kiel,  en als het gaat zakken moeten we,  helaas,  vertrekken zolang we dat nog kunnen. Maar we hopen tot eind Augustus hier te kunnen blijven.

steenfabrieken langs de Rijn.jpg Het is druk bij de sluis bij Driel.jpg beneden.jpg boven.jpg 1 aankomst bij Toos.JPG 2 snuffelen in ondiep water.JPG 4 vastmaken.JPG 6 Borrel bij Toos.jpg

wortel geschoten Na een maand hebben we in Arnhem, iets sneller wortel geschoten dan we hadden voorzien. Natuurlijk allereerst de hartelijke gastvrijheid van Toos zelf,  dan haar man Leo die regelmatig even een biertje met ons drinkt,  de buren Oskar en Rosa, waar we al menig laat uurtje hebben gedeeld,  onze Twittervrienden Hans en Hjalmar die we hier hebben leren kennen,  en zo kunnen we nog wel even doorgaan. Het losmaken hier zal wel weer meer weg hebben van losscheuren. Bovendien is voor Noud zijn zus Alice,  die nu niet meer bij ons is,  hier heel erg aanwezig. Niet zo vreemd. Toos en Alice waren dikke vriendinnen van heel jongs af aan. Herinneringen aan Alice en aan hun jeugd komen voortdurend langs. Dus we moeten ons maar schrap zetten voor volgende week donderdag,  als we plannen te vertrekken richting Friesland. Er zal wel weer een traantje worden weggepinkt links en rechts. Intussen hebben we hier niet stil gezeten. Vanaf het moment dat we aankwamen hebben we – op ons gemak,  dat wel – een aantal klussen geklaard die alleen maar konden omdat we steeds van Toos haar onderkomen gebruik konden maken. We hebben het over het schuren en lakken van de vloeren,  binnen zowel als buiten in de kuip. Het leven aan boord wordt wel heel lastig als je over balkjes moet balanceren en dan zaten we gezellig bij Toos. Het resultaat is goed.

kuipvloer en kuipbanken weer gelakt.jpg 16 de vloeren glimmen!.jpg

afscheid Het is 5 september. Jullie mogen niet met stille trom vertrekken! Dat was het consigne dat we een paar dagen geleden kregen.  Niet dat het nodig was om zoiets te zeggen. We hebben hier een fantastische maand gehad en het is moeilijk genoeg om uit Arnhem te vertrekken. Daarom kookt Noud voor een weeshuis en naast Toos zijn er verschillende buren,  liever gezegd nieuwe vrienden,  uitgenodigd. We eten op de woonboot van Toos,  eerst binnen met de kleintjes van Rosa en Oskar,  omdat Roos anders politieagent is voor kinderen die permanent te dicht langs de randjes lopen. Als de kinderen naar bed zijn gebracht verhuizen we de tafel en stoelen naar buiten op het terras van Toos haar woonboot en zetten we de avond tot in de late uren voort.  Eerder deze week hadden we al afscheid genomen van onze twitterende vrienden,  eerst aan boord,  later met een late lunch in de stad.

vrolijk gezelschap op het terras van Toos.jpg DSC03487.JPG

En dan is het ineens zondag 11 september. We zouden vertrekken. Maar Arnhem laat ons niet zomaar gaan. Het waterpeil in de insteekhaven waar we liggen is zover gedaald dat we nog nul centimeter onder de kiel hebben. En er is een drempel verderop die nog ondieper is. We aarzelen. Maar een blik op de website van Rijkswaterstaat leert dat het peil de komende dagen alleen maar verder gaat zakken. Dus als we kunnen we willen eigenlijk vertrekken – en eigenlijk ook helemaal niet natuurlijk. Oskar biedt aan om met zijn speedboat even te waterdiepten te meten en eventueel mee te trekken als dat nodig zou zijn. We meten eigenlijk net een beetje te weinig diepte,  maar Oskar vertelt dat er een dikke laag modder op de bodem ligt waar we waarschijnlijk wel doorheen kunnen ploegen. We aarzelen nog even en besluiten dan toch: we gaan! Arnhem probeert nog om ons hier te houden,  maar maar de 80PK Perkins wint het. Zoveel mogelijk het diepste deel volgend werken we ons achteruit naar open water. Onder escorte van Oskar varen we de Rijn op. Dan een brede armzwaai en het is voorbij. Heerenleed is weer op weg. We pinken een al dan niet virtuele traan weg. We hebben hier genoten en er zijn hier mensen om van te blijven houden. Dan nog een blik achterom en een ‘vaarwel Arnhem’ en we kijken vooruit.

vaarwel Arnhem.JPG

ijssel We vinden het – ondanks het toch wat zware afscheid – toch weer erg leuk op onderweg te zijn. Ver willen we niet. Het is al na de middag en we willen in de soms krappe IJsselhavens bij ruim daglicht aankomen. We gaan naar Doesburg. We werken ons in drie kwartier van onze ligplaats naast Toos naar de IJsselkop. Altijd spectaculair,  het moment dat we de kop ronden en van stroom tegen op de Rijn ineens een dikke stroom mee krijgen. De snelheid vliegt omhoog van 4,7 naar 7,5 knoop,  geholpen door de extra sterke stroom in de smalle bovenloop van de IJssel. Hij neemt geleidelijk aan af naar een altijd nog snelle 6,9 knoop bij het rustige toerental dat we varen. Na de gekanaliseerde lelijke bovenloop bij Westervoort wordt de IJssel steeds mooier en landelijker. We genieten van de tocht en om een uur of half vier komen we aan in Doesburg. De passantenhaven ligt in een oude industriehaven,  nu wat verpauperd,  maar er zullen wel projectontwikkelaars likkebaardend naar het gebied kijken. De passantenhaven zelf is keurig,  met een behulpzame en uiterst vriendelijke havenmeester. We hopen dat de landelijke sfeer van de haven niet helemaal zal verdwijnen. Na een wandelingetje door het oude Hanzestadje en een glas op een terrasje gaan we weer aan boord. We eten op tijd en dan zijn we allebei bekaf. Het vertrek uit Arnhem was toch wat enerverender dan goed voor ons is. De zondagavond is niet zo lang deze keer. Morgen komt Reina aan boord en willen we naar Zutphen.

DSC03495.JPG DSC03492.JPG

reina Op maandag 14 september komt Reina aan boord. Ze gaat een paar dagen mee omdat ze graag een keer de hele IJssel wil afzakken. Als ze kort na de middag komt maken we los,  en gaan we op ons gemak naar Zutphen. Het weer is aardig en we komen mooi op tijd aan. We liggen aan de kade van de Vispoorthaven,  een idyllisch plekje midden in Zutphen. We besluiten dat we een dagje extra in Zutphen blijven. Vooral vanwege het vreselijke weer dat ons wordt beloofd. Maar intussen hebben onze startaccu’s min of meer de geest gegeven. Zolang we aan de walstroom lagen waren ze elke dag goed genoeg om de motor te starten,  maar hier in Zutphen  liggen hebben we vanwege onze scheepslengte een plaats aan de kade waar geen walstroom is. Na rijp beraad besluiten we dat we de nieuwe accu’s gaan kopen bij onze hofleverancier Daveco. Alleen.. die zit wel in Werkendam. We besluiten als volgt: Noud gaat met de trein naar Arnhem en haalt de smart. Hij kijkt bij de Arnhemse watersportleveranciers hoe de prijzen liggen,  en als die te hoog zijn dan rijdt hij naar Werkendam. Inderdaad,  de prijzen liggen in Arnhem dermate hoog dat een retourritje Werkendam dubbel en dwars wordt terugverdiend. Na een uurtje of drie is Noud alweer terug in Zutphen,  met nieuwe accu’s. Ik installeer ze en Noud brengt de smart terug naar het veilig parkeerplaatsje in Arnhem. Als hij terug is barst het rotweer pas echt los. We gaan naar binnen,  schenken wat in en hebben een gezellige avond.

Reina aan boord.jpg Vispoorthaven in Zutphen.jpg

Op woensdag gaat het verder. We willen vandaag naar Zwolle. Het weer had zullen opknappen maar dat is niet echt gebeurd.  Jammer,  want de IJssel is misschien wel de mooiste rivier die Nederland rijk is. Geen weer vandaag voor mooie plaatjes. Gelukkig hebben we een overdekte kuip zodat we niet als verzopen katten in Zwolle aankomen. We worden vlot naar binnen geschut en na wat wachten voor een paar bruggen meren we af en de vrijwel uitgestorven passantenhaven in het hart van de stad. Het is droog,  dus we gaan rap even wat boodschappen doen. We zijn er nog niet mee klaar of het valt er weer met bakken uit. Het lijkt wel of we de hele IJssel op ons dak krijgen. De geplande stadswandeling (Zwolle is een mooie stad) wordt wegens klimatologische omstandigheden afgelast. Jammer,  want hier liggen een deel van mijn wortels. Het is de stad van mijn moeder’s jeugd.

DSC03501.JPG

friesland Op donderdag gaan we op tijd weg. We willen vandaag tot op het randje van Friesland komen. Noud heeft een leuke route gevonden op de kaart. Via het Zwarte Water binnendoor naar het Giethoorns merengebied. Dan een stukje Belterwijde en langs de Beulaker,  dan een kanaaltje naar Steenwijk en dan langs het natuurgebied de Weerribben naar Ossenzijl. Hij blijkt een prachtige route. We hadden nog liever de klassieke route genomen via de Kalenberger Gracht, maar daar kunnen we wegens te grote diepgang niet door.

zeilwortels Als we uit de Beukersgracht komen en de Belterwijde opvaren zie ik ver weg een aantal Punters liggen met mast en het typerende sprietzeil. Ik kan mijn ogen niet geloven. Ik ga terug naar de tijd dat ik als verlegen 12-jarig jongetje hier mijn eerste zeilkamp meemaakte. Precies op dezelfde plek als waar nu die punters liggen. Blijkbaar heeft de NCSV,  de studentenvereniging die het destijds organiseerde,  deze A1+-locatie kunnen behouden en is het nog steeds een zeilkamp. Hier liggen mijn ‘Zeilwortels’ als je dat woord zou kunnen gebruiken.  Het is te ver weg om op de foto te krijgen. Het jaar na mijn eerste zeilkamp volgde het tweede,  en onnodig te zeggen dat het verlegen jongetje,  nu het eenmaal fatsoenlijk kon zeilen,  een aanmerkelijk grotere mond had en lang niet meer zo verlegen was.  We zien Giethoorn voorblijkomen en komen uiteindelijk langs de prachtige Weerribben in Ossenzijl. Er is een passantenwal waar je gratis ligt,  weer zonder walstroom maar met de nieuwe startaccu’s is dat geen probleem. We zijn allang weer gewend aan ‘geen TV en geen internet’ maar gelukkig hebben we de drank niet overboord gegooid.

driewegsluis Van Ossenzijl is het een keertje hard spugen en je bent op de Linde,  ook wel Lende genoemd, de grensrivier tussen Overijssel en Friesland. We plannen een korte stop bij de Driewegsluis. Die is al heel lang buiten gebruik,  maar het is een uniek kunstwerkje waar een sluis drie uitgangen heeft in plaats van twee,  en dus vroeger drie verschillende waterboezems met elkaar verbond. We worden op onze wenken bediend. De moderne Linthorst Homansluis,  die de Driewegsluis al een paar decennia geleden heeft vervangen,  heeft een kapotte brug en is gestremd. De oude,  handbediende Driewegsluis is weer in gebruik genomen en,  tot onze verbazing,  we passen er nog in ook… Het kleine ophaalbruiggetje dat bij de sluis hoort is wel heel smal,  en we hebben aan weerszijden maar een paar centimeter over als we erdoor varen.

de driewegsluis in aantocht.jpg achter de motorboot sluisdeur 1.jpg en voor ons sluisdeur 3, met klein biuggetje.jpg sluisdeur 2.jpg

Dan gaat het verder richting Echternerbrug,  en de toegang tot het Tjeukemeer. We steken het Tjeukemeer over en gaan via het Prinses Margrietkanaal en de Jeltesleat naar Heeg,  of Heech in het Fries. Daar meren we af in de passantenhaven,  die ook vrijwel leeg is,  met direct uitzicht op het Heegermeer. Het is lang geleden dat we hier waren. Heerlijk hoor. We doen een wandelingetje door Heech en Reina bestelt bij de plaatselijke bakker een Oranjekoek,  een van Friesland’s specialiteiten. We drinken een glas op het terras van het  aloude Cafe ‘de Watersport’ dat wel erg is opgestuwd in de vaart deer volkeren. Maar de goeie ouwe Joustra Berenburg smaakt mij prima ( Reina verslikt zich bijna en neemt toch liever een Portje,  maar dat hindert niet want een tweede Joustra gaat er ook wel in) en we zitten heerlijk op het terras. Het minuscule draaibruggetje gaat open en er wordt een lange sleep zeilboten doorgelaten,  op weg naar de winterberging denken we.

oranjekoek en sûkerbôle Op zaterdagmorgen wordt de Oranjekoek bij de bakker gehaald,  en natuurlijk een Fries Suikerbrood (Sûkerbolle). Dan via de Jeltesleat, en het PM-kanaal naar Grou. Je passeert dan het Sneekermeer (of moeten we Snitsermar schrijven?) waar we worden vergast op wedstrijden Skûtsjesilen en andere klassen. Het lijkt wel op thuiskomen. We bewonderen een prachtig Fries jacht onderweg,  een juweeltje van Friese jachtbouw, met natuurlijk een schitterende mastwortel. Dat is een rijke versiering boven op de top van de mast, en die moet krom zijn, anders zou hij wel eens machinaal gedraaid kunnen zijn en dat mag natuurlijk niet.

Skutsjesilen.jpg Fries jacht.jpg

hurdsilen We krijgen een plekje aan de steiger direct aan het Pikmeer waar ook weer allerlei zeiwedstrijden zijn. Hurdsilen – hardzeilen, wat zou dat een prima Nederlands woord zijn in plaats van racen) -heet dat hier. Leuk,  we worden getrakteerd op een groot veld met Flitsjes, een jeugdboot die je in de rest van Nederland bijna niet meer ziet,  maar die hier als eenheidsklasse kennelijk nog springlevend is. Natuurlijk zijn er Schakels,  Olympiajollen, en ook de elegante 30-kwadraat blijkt hier nog lang niet uitgestorven te zijn. Als toetje krijgen we de karakteristieke wedstrijdschouwen met hun typerende spriettuig. Fantastisch om te zien. Ze komen na de wedstrijden allemaal vlak langs ons om naar hun steiger te zeilen. Dan wordt ons ons uitzicht tenslotte door een oud vrachtscheepje ontnomen en is het tijd ons aan de borrel en aan het eten te wijden.

ons uitzicht in Grou.jpg

uit het water Dan is het zondag. Peter en Eveline komen aan boord voor de laatste etappe naar Drachten. Reina gaan deze week met vakantie naar Kroatië en wil nog een paar dagen thuis zijn om zich voor te bereiden. Niek,  de jongste van Peter en Eveline, en zijn vriendinnetje brengen haar naar het station. Wij krijgen zien nog even een wensje in vervulling gaan, een wedstrijd met de goeie ouwe 12-voetsjollen,  en vertrekken dan om via het Margrietkanaal en het Princenhof naar Drachten te varen. Een leuke tocht weer, en als we op onze bestemming zijn aangekomen leggen de Heerenleed klaar in de kraanbaan. Peter en Eveline nemen ons mee naar de Griek voor een gezellig etentje.

Op maandagmorgen op kwart over acht komt de werf in actie. We worden vakkundig getild en mooi waterpas neergezet voor de komende winter. Een beetje weemoedig omdat het varen weer voorbij is, maar dik tevreden met een nieuwe methode om Heerenleed te tillen, en die veel minder stressvol is dan de oude methode, waarbij de achterste hangband precies tussen roer en schroef moest zitten (onder water dus heel erg gokken). Nu ging de achterste hangband veel verder naar voren, gewoon onder de kiel, die niet zo kwetsbaar is. We zien wel dat Heerenleed in goed handen is, en als we eindelijk op onze plek staan luieren we de rest van de dag om. Eveline moet een boodschap doen en komt langs, zodat we voor vandaag vervoer hebben om even de weekboodschappen te doen. We zijn voorlopig bevoorraad…. Het einde van de zomer is voor ons nu definitief. We  gaan weer een periode van onderhoud tegemoet,  die we straks gaan afsluiten met ons vertrek naar onze winterresidentie op Madeira.

DSC03550.JPG

 

 

 

 

 

 

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *